Brace na een breuk van de bovenarm : na het gips

Bij een breuk van de bovenarm krijgt u eerst een gipsverband. Na het gipsverband krijgt u soms een brace. Een brace is een soort koker om de bovenarm. Met een brace kunt u beter bewegen. U draagt de brace 3 tot 6 maanden.

Over de brace

Om de bovenarm te beschermen, draagt u een brace. Een brace wordt gesloten met klittenband. Met een brace kan de bovenarm niet bewegen.
Een brace bestaat uit 3 delen:

  1. Brace om de bovenarm. Door de brace blijft het bot van de bovenarm op zijn plaats.
  2. Elastische kous: onder de brace én om onderarm en hand. De elastische kous gaat zwelling tegen en beschermt de huid.
  3. Sling: dit is een soort mitella.
    De sling zorgt dat de onderarm hoog blijft.

Als u vocht vasthoudt, wordt uw onderarm soms dik. De elastische kous helpt tegen de zwelling. Ook kunt u in een zachte bal knijpen om het bloed beter te laten stromen. De zwelling zal dan minder worden.

Zo gaat de behandeling

Het is belangrijk om in beweging te blijven en te oefenen met uw arm. Door te oefenen wordt uw schouder en elleboog niet stijf én wordt de zwelling minder. Beweeg ook regelmatig uw pols en strek uw vingers. Zo zorgt u dat de pols en vingers niet stijf worden.

U komt elke week op controle bij de Gipskamer. We controleren de brace en trekken de banden eventueel strakker aan. Tijdens de controle wassen we uw arm en controleren we de huid. U krijgt dan ook een schone elastische kous.

We maken regelmatig een röntgenfoto van de breuk: na 1 week, na 6 weken en na 12 weken.

Als de brace te groot is, kunt u de banden zelf strakker aantrekken. U kunt ook een afspraak maken op de Gipskamer.

Adviezen voor thuis

Het is belangrijk om oefeningen te doen met uw arm. Door te oefenen wordt uw schouder en elleboog niet stijf. Wees voorzichtig tijdens het oefenen: draai uw onderarm niet van uw lichaam af.

Oefeningen na de 1e week met de brace

Doe voorzichtig. De oefeningen mogen geen pijn doen.

Elleboog

Strek uw elleboog en laat uw arm langs het lichaam hangen.
Buig de elleboog voorzichtig met hulp van uw gezonde hand.
Span niet de spieren van uw pijnlijke arm.
Doe deze oefening 5 keer per dag.

Schouder

Ga stevig op de grond staan en buig voorover. Leun eventueel op een tafel.
Span niet de spieren van uw pijnlijke arm.
Maak een draaiende bewegingen met uw schouder alsof u in een pan roert.
Doe dit een paar minuten. Zorg dat uw arm niet naar buiten draait.
Doe deze oefening 5 keer per dag.
Als u de arm kunt strekken, doe de oefening dan met een gestrekte arm.

Oefeningen na de week 6 met de brace

Doe voorzichtig. De oefeningen mogen geen pijn doen.

Schouder

Loop met uw vingers langs een muur omhoog totdat uw elleboog op de hoogte van uw schouder is.
Ondersteun uw arm eventueel met uw gezonde hand.
Laat de arm weer langzaam omlaag komen met hulp van uw gezonde hand. Span niet de spieren van uw pijnlijke arm.
Doe deze oefening 3 keer per dag.

Wanneer moet u ons bellen?

Neem contact op met de Gipskamer als u 1 of meer van deze klachten heeft:

  • erge pijn
  • tintelingen in de vingers
  • niet goed kunnen bewegen van uw hand en vingers
  • niet kunnen optillen van uw hand
  • last van de randen van de brace

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de Gipskamer via MijnOLVG of per e-mail. Op werkdagen kunt u ook bellen.

Gipskamer, locatie Oost, P3
020 599 29 63 (op werkdagen van 08.00 tot 16.15 uur)
gipskamer@olvg.nl

Gipskamer, locatie West, route 6
020 510 80 28 (op werkdagen van 08.00 tot 16.15 uur)
gipskamer@olvg.nl

 

Als de Gipskamer of de polikliniek Kindergeneeskunde niet bereikbaar is, belt u met klachten die echt niet kunnen wachten naar de Spoedeisende Hulp via het algemene telefoonnummer van OLVG.

OLVG, locatie Oost
020 599 91 11

OLVG, locatie West
020 510 89 11

Is de situatie levensbedreigend, bel dan 112.

De informatie op deze pagina is afkomstig van de afdeling Gipskamer van OLVG. Laatst gewijzigd: